MENU

Leren presteren

Meisjes 13-18 jaar, jongens 15-18 jaar

Programma: TOC, NKBV+ en Jong Oranje

In de vierde fase Leren presteren wordt de trainingsomvang en intensiteit verder uitgebreid. Hierbij wordt rekening gehouden met individuele verschillen zoals biologische leeftijd, groeisnelheid en belastbaarheid. De fysieke, cognitieve, sociale en emotionele ontwikkeling van talentvolle wedstrijdklimmers verloopt in deze fase sterk uiteen, waardoor een persoonlijke benadering essentieel blijft.

De focus in deze fase ligt op het verfijnen van geavanceerde klimtechnieken, het verder ontwikkelen van fysieke capaciteiten (zoals kracht, uithoudingsvermogen en mobiliteit) en de toenemende competitieve ontwikkeling. Talentvolle klimmers nemen deel aan meerdere wedstrijden op nationaal en wordt gestart met deelname aan internationale wedstrijden. Een belangrijk doel is om geleerde vaardigheden en tactieken effectief toe te passen in wedstrijdsituaties en om een eigen klimstijl en specialisaties te ontwikkelen.

Naast fysieke en technische groei worden ook mentale en prestatievaardigheden steeds belangrijker. Talentvolle klimmers maken in deze fase vaak een transitie op educatief en persoonlijk vlak, bijvoorbeeld van secundair naar hoger onderwijs. Dit vraagt om specifieke competenties zoals zelfregulatie, planning en stressmanagement. De klimmers in het begin van deze fase wonen thuis en trainen in hun eigen boulder en/of klimhal en idealiter bij een Talent Opleiding Centrum (TOC). Waar mogelijk worden ochtendtrainingen gecombineerd met onderwijs op een Topsport Talentschool. In de avonden trainen zij in de boulder/klimhal.

Daarnaast vindt er maandelijks een gezamenlijke training plaats in het NKBV+ programma en in overleg met de bondscoach Jong Oranje kunnen talentvolle klimmers deelnemen aan extra proeftrainingen op het Nationaal Trainingscentrum (NTC). Aan het eind van deze fase zijn de beste en meest kansrijke klimmers doorgestroomd naar Jong Oranje en begint de talentontwikkeling fase.

De leeftijdsrange voor deze fase ligt tussen de 13 en 18 jaar.

Uitgangspunten

In de fase Leren presteren, zijn de volgende uitgangspunten van belang:

  • Verhogen van toewijding aan de sport door verdere specialisatie en een grotere focus op wedstrijdklimmen.
  • Toename van zowel trainingsomvang als effectiviteit, met aandacht voor kwaliteit en variatie in trainingsvormen.
  • Verdieping en consolidatie van complexe klimtechnieken, waarbij klimmers hun techniek en tactiek verfijnen en toepassen in diverse wedstrijdformats (lead en boulder).
  • Ontwikkeling van een individueel wedstrijdplan, gericht op strategie en gebruik van sterktes en specialisaties.
  • Holistische ontwikkeling van alle prestatiebepalende factoren, zoals fysieke, technische, mentale en tactische vaardigheden, in lijn met de leerlijnen van het opleidingsplan.
  • Individuele afstemming op groeisnelheid en trainingsbehoeften, rekening houdend met biologische leeftijd en belastbaarheid.
  • Werken met gestructureerde jaarplannen, inclusief een dubbele periodisering om piekmomenten in het wedstrijdseizoen optimaal te benutten.
  • Overdracht van technische en tactische vaardigheden vanuit training naar wedstrijdsituaties, met nadruk op adaptief klimmen en wedstrijd specifieke scenario’s.
  • Verdere ontwikkeling van prestatiegedrag, waaronder mentale weerbaarheid, concentratie, herstelstrategieën en wedstrijdvoorbereiding.
  • Integratie van videoanalyse in het trainingsproces, om techniek, tactiek en prestatiegedrag gericht te verbeteren.
  • Werken met een gestandaardiseerd volgsysteem (TVS), om voortgang, prestaties en trainingsaanpassingen systematisch te monitoren.

Prestatiegedrag

In onderstaande afbeelding is te zien dat de wedstrijdklimmers in de fase Leren presteren zich veelal in de tweede fase van ieder domein bevinden (Wylleman et al. 2011). In het onderwijsdomein vindt mogelijk een verandering van context plaats met de overgang van secundair onderwijs naar het hoger onderwijs.

Overzicht van de holistische ontwikkeling van de sporter gedurende de sportcarrière (Wylleman et al., 2011)

In onderstaande tabel staan de competenties en doelstellingen voor de leerlijn prestatiegedrag die van belang zijn in de fase Leren presteren, evenals de voorbereiding op de volgende fase Trainen voor de top en de transitie daarna.

Doelstellingen Prestatiegedrag

Fase: Leren presteren

Leerdoelen

Competenties

De klimmer richt de aandacht langere tijd op moeilijke taken of problemen, ondanks afleidingen, negatieve gedachten, vermoeidheid of verveling.

De klimmer kiest bewust wat nodig is om zich langdurig te kunnen focussen.

Aandacht richten

De klimmer komt voor zichzelf op, bewaakt zijn eigen grenzen.

De klimmer onderneemt (spannende) activiteiten op eigen initiatief en met enthousiasme.

De klimmer durft zich kwetsbaar op te stellen en kan gemaakte fouten proactief en transparant toegeven.

Zelfvertrouwen

De klimmer denkt na over zijn eigen prestaties en ontwikkeling en kan vragen beantwoorden als: Wat heb ik nodig om nog beter te kunnen presteren?

Reflecterend vermogen

De klimmer past het gedrag aan, ook wanneer iets niet direct lukt, moeilijk is of anders gaat dan vooraf gehoopt of verwacht.

Aanpassingsvermogen

De klimmer kan op eigen kracht steeds beter en langer werken aan wat wordt gedaan, totdat het lukt, ondanks vermoeidheid, verveling, persoonlijke teleurstelling of tegenslag.

De klimmer probeert eerst zelf door te zetten, maar vraagt hulp wanneer het hem zelf niet lukt.

Doorzettingsvermogen

De klimmer analyseert de oorzaak van een probleem, bijvoorbeeld door na te denken over hoe dit eerder persoonlijk is ervaren.

De klimmer komt proactief met oplossingen voor problemen die haalbaar en nuttig zijn.

Probleemoplossend vermogen

De klimmer stelt een duidelijke planning op.

De klimmer weegt af welke activiteiten wel of niet in zijn planning passen en bijdragen aan het bereiken van het einddoel.

De klimmer heeft een eigen aanpak om tot een plan te komen.

Plannen

De klimmer schat de gevolgen van de gekozen aanpak in, houdt hierop de focus en staat open voor nieuwe manieren om deze desgewenst te verbeteren.

Procesgericht werken

De klimmer houdt rekening met wie waarover wordt gecommuniceerd en zorgt ervoor dat dit inhoudelijk en qua gedrag passend en de-escalerend is in de betreffende situatie.

Communiceren

De klimmer is zich bewust van de eigen gevoelens en herkent wanneer anderen te veel vragen.

De klimmer communiceert naar anderen wanneer zij te veel vragen, zodat de eigen grenzen worden gerespecteerd.

Grenzen stellen & bewaken

De klimmer denkt zorgvuldig na en komt, met de nodige zelfreflectie, tot een beslissing waarbij onnodige twijfels worden voorkomen.

Beslissingen nemen

De klimmer formuleert een haalbaar einddoel en faseert dit structureel in subdoelen.

De klimmer maakt een plan om het einddoel te bereiken en houdt bij of de voortgang volgens schema verloopt.

Doelgericht handelen

Leerlijn voeding

In de fase Leren presteren maken klimmers de overgang van algemene sportdeelname naar een meer gestructureerde en prestatiegerichte trainingsomgeving. Bewustwording en het ontwikkelen van gezonde voedingsgewoonten staan centraal. Ter ondersteuning volgen klimmers een e-learningmodule sportvoeding, waarin stapsgewijs kennis en vaardigheden worden ontwikkeld om de voeding af te stemmen op gezondheid, groei en sportprestaties.

Doelstellingen Voeding

Fase: Leren presteren

Relevante e-learning levels: Level 1 t/m 4

Leerdoelen

  • Level 1 – Introductie sportvoeding: Begrijpen wat sportvoeding onderscheidt van gewone voeding.
  • Level 2 – Energie en koolhydraten: Inzicht in energiebehoefte en het belang van koolhydraten als brandstof.
  • Level 3 – Hydratatie: Leren hoe vochtbalans prestaties beïnvloedt en hoe eigen vochtverlies gemeten kan worden.
  • Level 4 – Herstel en adaptatie: Begrijpen van het belang van herstel voor trainingsadaptatie en blessurepreventie.

Ontwikkelingsdoelen

  • Opbouwen van basiskennis over voeding en prestaties.
  • Stimuleren van regelmatige eet- en drinkgewoonten.
  • Vergroten van autonomie en verantwoordelijkheid voor eigen voedingsgedrag.
  • Bevorderen van een gezonde relatie met voeding en lichaamsbeeld, met aandacht voor preventie van RED-S.

Vormingsdoelen

Klimmers leren hun voeding af te stemmen op school, training en wedstrijden, met aandacht voor voldoende energie voor groei, ontwikkeling en sportprestaties.

Toepassing

Klimmers passen de opgedane kennis toe door hun dagelijkse voedingskeuzes en eetmomenten af te stemmen op hun school-, trainings- en wedstrijdschema.

Slaap

In de fase Leren presteren verdiepen klimmers hun kennis over slaap en het belang ervan voor herstel en sportprestaties. Door inzicht te krijgen in de werking van slaap en de factoren die hierop van invloed zijn, leren klimmers verantwoordelijkheid te nemen voor hun eigen slaapgedrag. De combinatie van e-learning, praktische opdrachten en reflectie helpt klimmers om deze kennis toe te passen in hun dagelijkse trainings- en wedstrijdpraktijk en zo hun herstel en prestaties te optimaliseren.

Doelstellingen Slaap

Fase: Leren presteren

E-learning slaap hoofdstuk 2: Wat is slaap?

E-learning slaap hoofdstuk 3: Invloeden op slaap

Leerdoelen e-learning

De klimmer ontwikkelt inzicht in de werking van slaap en herkent de factoren die slaap beïnvloeden, zodat verantwoordelijkheid kan worden genomen voor het eigen slaapgedrag.

Trainingsvormen

Volgen van de e-learningmodules, workshops over het circadiaanse ritme en slaapfasen, het bijhouden van een slaapdagboek en groepsdiscussies over beïnvloedbare en niet-beïnvloedbare factoren.

Tijdspad

Jaarlijks aanbieden van de e-learning en minimaal één verdiepende sessie per seizoen.

In de fase Leren Presteren verdiepen klimmers hun kennis over slaap en leren zij deze kennis toe te passen in hun dagelijkse praktijk.

De nadruk ligt op:

  • 24-uurs denken: inzicht in het circadiaanse ritme en het belang van regelmaat.
  • Slaapfasen en slaapregulatie: begrip van lichte slaap, diepe slaap en REM-slaap.
  • Individuele verschillen: bewustwording van chronotypes en slaapbehoefte.
  • Beïnvloedbare factoren: zoals gedrag, licht, voeding, schermgebruik en stress.
  • Niet-beïnvloedbare factoren: zoals leeftijd, genetische aanleg en wedstrijdschema’s.

Klimmers worden gestimuleerd om eigen regie te nemen en hun slaapgedrag actief te optimaliseren.

Eerlijke, veilige en schone sport

In deze leeftijdsfase neemt de klimmer steeds meer verantwoordelijkheid en regie, zowel in het eigen gedrag als in het uitdragen van een eerlijke, veilige en schone sport. De klimmer is zich in de fase Leren presteren bewust van deze verantwoordelijkheid en is steeds beter in staat de opgedane kennis in de praktijk te brengen. Ouders/verzorgers en trainers dragen bij aan de ontwikkeling van een zelfstandige klimmer.

Doelstellingen Eerlijke, veilige en schone sport

Fase: Leren presteren

Leerdoel Veilige sport

Trainingsvormen

Tijdspad

De klimmer kent de verschillende vormen van grensoverschrijdend gedrag, weet hoe en waar dit bespreekbaar te maken en is zich ervan bewust dat grensoverschrijdend gedrag mogelijk consequenties kan hebben.

De klimmer volgt een fysieke of online training op dit thema en de sociaal veilige sportomgeving is regelmatig onderdeel van team- en individuele evaluaties.


Gedurende het seizoen

De klimmer kent en is in staat te handelen naar de gedragsregels die in de groep gelden.

Binnen de trainingsgroep worden gedrags- en omgangsregels afgesproken en wordt besproken hoe we elkaar daarop kunnen aanspreken. Gebruik de NKBV gedragsregels daarvoor als basis.

Aan het beging van het seizoen:

  • gezamenlijke gedragsregels afspreken en min. 1 x in het seizoen in een bijeenkomst van de (trainings)groep op reflecteren.

De klimmer kent de rol van de VCP, weet deze te bereiken en is bekend met de mogelijkheden om dit bespreekbaar te maken en te melden.

De klimmer heeft in een bijeenkomst kennis gemaakt met de VCP en is door de VCP geïnformeerd over de rol van de VCP en de mogelijkheden voor bespreken en melden ongewenst/grensoverschrijdend gedrag.

Jaarlijks overleg bij aanvang en halverwege seizoen met VCP.

Leerdoel Schone sport

De klimmer kent:

  • De sportwaarden en de waarden van BeProud.
  • De rol van de dopingautoriteit en de WADA.
  • Het anti-dopingreglement en weet voor wie dat geldt en waar informatie hierover te vinden is.
  • De dopinglijst, hoe deze tot stand komt en wat de gezondheidsrisico’s zijn van stoffen die daarop staan.
  • Risico’s van geneesmiddelengebruik in relatie tot doping, hoe je ze kan controleren en hoe je dispensatie kan aanvragen.
  • De risico’s van voedingssupplementen in relatie tot mogelijke vervuiling en doping.
  • De risico’s van drugs in relatie tot de sport.
  • De procedures rondom dopingcontroles, en - overtredingen.

Dopingeducatieniveau brons conform DLSS:

  • E-learning + fysieke sessie door Dopingautoriteit

(fysieke sessie uitsluitend voor talent en topsportprogramma's)

Gedurende het seizoen, minimaal 1 keer per 2 jaar.

Leerdoel Eerlijke sport

De klimmer heeft kennis van:

  • Dat je benadert kunt worden via sociale media.
  • Dat foto’s/berichten die je deelt via sociale media (per ongeluk) delen van voorkennis kan zijn.
  • Wat sport- en gok gerelateerde matchfixing is.
  • Het verbod om te gokken op de eigen sport.
  • De gevolgen van matchfixing.
  • De meldplicht voor matchfixing.

E-learning matchfixing.

Gedurende het seizoen, minimaal 1 keer per 2 jaar.

Rol boulder/klimhal

In de fase Leren presteren vervullen boulder, en klimhallen een belangrijke rol als dagelijkse trainingsomgeving waarin talentvolle wedstrijdklimmers de stap maken van leren trainen naar leren presteren. In deze fase verschuift de nadruk van algemene ontwikkeling naar gerichte prestatieontwikkeling, met meer aandacht voor kwaliteit, structuur, intensiteit en wedstrijdspecifieke voorbereiding.

De hal biedt klimmers een professionele en stimulerende omgeving waarin systematisch gewerkt kan worden aan kracht, techniek, tactiek en prestatiegedrag. Dit vraagt om routes en boulders die niet alleen uitdagender worden in niveau, maar vooral aansluiten bij het ontwikkelen van nieuwe bewegingen, moderne wedstrijdstijlen en internationale trends. Variatie, complexiteit en progressieve opbouw zijn daarbij essentieel.

Naast reguliere routes en boulders kunnen hallen in deze fase extra waarde creëren door het aanbieden van specifieke trainingsfaciliteiten, zoals skill stations, trainingszones en oefensituaties waarin bewegingen, grepen en coördinatieve vaardigheden doelgericht kunnen worden getraind. Hiermee ontstaat een leeromgeving die verder gaat dan recreatief aanbod en beter aansluit op de behoeften van talentvolle wedstrijdklimmers.

Rol trainer-coach

Elke fase binnen het meerjarenopleidingsplan vraagt om specifieke competenties van trainers en coaches. In de fase Leren Presteren vervullen zij een cruciale rol in de ontwikkeling van talentvolle wedstrijdklimmers.

  • Opstellen en bijstellen van een sporttechnisch meerjarenplan, inclusief periodisering voor elk individueel talent. De trainer-coach is verantwoordelijk voor het maken en aanpassen van trainings- en wedstrijdjaarplannen, weekplanningen en dagplanningen, gebaseerd op gestelde doelen en de continue monitoring van belasting en belastbaarheid (via TVS). Bij de programma-opbouw houdt de trainer-coach rekening met de fysieke groei, biologische rijping en mentale ontwikkeling van de klimmer.
  • Doelgericht coachen: De trainer-coach ondersteunt klimmers bij het stellen van korte- en lange termijndoelen en evalueert deze regelmatig met hen. Op basis hiervan worden trainingsschema’s opgesteld en indien nodig aangepast. Zelfreflectie en eigenaarschap over de ontwikkeling van de klimmer worden actief gestimuleerd.
  • Talentherkenning en doorstroom: De trainer-coach staat in verbinding met de opleidingsfase voorafgaand aan deze fase en scout talenten bij trainingen, wedstrijden en andere bijeenkomsten, in overleg met collega-trainers.
  • Geven van trainingen en coaching die aansluiten bij zowel de individuele ontwikkelingsdoelen van de klimmers als de dynamiek binnen de trainingsgroep.
  • Creëren van een veilige en prestatiegerichte leeromgeving, waarin alle prestatiebepalende factoren (technisch, fysiek, mentaal, tactisch) aan bod komen en waar respect, toewijding en integriteit centraal staan.
  • Begeleiding van talentvolle klimmers in hun leef- en trainingssituatie, waarbij knelpunten bespreekbaar worden gemaakt en acties worden ondernomen om hen hierin te ondersteunen.
  • Stimuleren van zelfontwikkeling, door klimmers aan te moedigen om continu bezig te zijn met hun eigen groei, zowel binnen als buiten de sport.
  • Wedstrijdbegeleiding op internationaal niveau, waarbij de trainer-coach leer- en ontwikkeldoelen opstelt met de klimmers rondom wedstrijden en hen helpt om onder optimale omstandigheden te presteren. Tijdens evenementen fungeert de trainer-coach als rolmodel in sportief gedrag.
  • Samenwerking en communicatie met alle betrokkenen, zoals ouders, scholen, begeleidingsteams, klimhallen en de nationale bond, met als doel een optimaal ontwikkelklimaat voor de klimmer te creëren. De afstemming tussen verschillende trainers en programma’s vraagt hierin extra aandacht.
  • Delen van kennis en ervaring met andere trainers en doelgroepen, om zo bij te dragen aan de verdere ontwikkeling van de wedstrijdklimsport.
  • Continue professionele ontwikkeling: De trainer-coach blijft op de hoogte van de laatste ontwikkelingen in de sport en investeert in de eigen kennis en vaardigheden.
  • Werken volgens de visie van het meerjarenopleidingsplan (MJOP) en talentvolle klimmers begeleiden naar zelfstandigheid als toekomstig topsporter. De trainer-coach heeft een centrale rol in het proces en weet op het juiste moment los te laten wanneer de klimmer klaar is voor de volgende fase in de sportcarrière.
  • De trainer-coach doorloopt de e-learning Trainer-coach 4 van de Dopingautoriteit.

Rol ouders/verzorgers

In deze fase specialiseren talentvolle klimmers zich steeds meer richting het (internationaal) wedstrijdklimmen. De trainingen worden intensiever en specifieker, met een toename in trainingsuren en wedstrijddeelname. Dit brengt de uitdaging met zich mee om een optimale balans te vinden tussen sport, school, familie en sociale contacten. Daarom moeten klimmers regelmatig bewuste keuzes maken die hen ondersteunen in hun doelstellingen.

Ook in de fase Leren Presteren spelen ouders/verzorgers een belangrijke adviserende en faciliterende rol:

  • Ondersteuning bij fysieke en mentale uitdagingen: Klimmers worden in deze fase geconfronteerd met zowel voorspelbare als onverwachte uitdagingen. Goede begeleiding helpt hen om hiermee om te gaan en tegelijkertijd steeds zelfstandiger te worden in hun sport en leven.
  • Wedstrijddeelname als leerproces: Wedstrijden worden steeds belangrijker, niet alleen als meetmoment maar vooral als kans om de in trainingen opgedane vaardigheden in de praktijk te brengen. De nadruk ligt daarom op het proces, de uitvoering en de ervaring, in plaats van enkel op het eindresultaat.
  • Een stabiele thuisbasis: Zorg voor een vast ritme, goede voeding en een open communicatie, zodat klimmers zich fysiek en mentaal optimaal kunnen ontwikkelen. Het is belangrijk dat ze plezier blijven houden in de sport en een gezonde balans vinden tussen school en klimmen.
  • Voldoende slaap en herstel: Jongeren in deze fase hebben meer slaap nodig dan volwassenen (gemiddeld negen uur per nacht). De combinatie van lichamelijke veranderingen, zoals een groeispurt, en een intensief trainingsprogramma vraagt om extra rust. Een bedtijd tussen 21.30 en 22.30 uur is aanbevolen.
  • Stimuleren van zelfreflectie en autonomie: Moedig klimmers aan om kritisch te kijken naar hun eigen ontwikkelingsproces en hen te ondersteunen bij het maken van zelfstandige, bewuste keuzes die bijdragen aan hun groei als klimmers en individu.
  • Ouders/verzorgers doorlopen de e-learning ‘Ouders Basis’ van de Dopingautoriteit.

Rol NKBV

De NKBV heeft een rol in de ontwikkeling van talentvolle klimmers richting de top. In de fase Leren Presteren is de rol als volgt:

  • De NKBV faciliteert wedstrijdvormen die passen bij deze ontwikkelingsfase, zoals De Series, een nationale jeugd competie en Nederlandse Jeugd kampioenschappen.
  • De NKBV heeft alle talentvolle klimmers in deze fase in beeld. Zij volgen een aan de NKBV gelieerd opleidingstraject in een TOC, NKBV+ of Jong Oranje programma met internationale uitzendingen.
  • De NKBV faciliciteert deelname aan voldoende internationale wedstrijden passend bij de ontwikkeling van de talentvolle wedstrijdklimmer.
  • De NKBV hanteert een transferbeleid dat klimmers die uitstromen uit de disciplines boulder en/of lead de mogelijkheid biedt om zich verder te ontwikkelen binnen de discipline ijsklimmen.
  • De NKBV faciliteert aan talentvolle klimmers een NOC*NSF talentstatus wanneer zij voldoen aan de criteria (zowel het leeftijd-, programma- als prestatieprofiel). Daarmee krijgen zij onder andere toegang tot de Topsport Talentscholen.
  • Klimmers, ouders/verzorgers worden geïnformeerd over de studiemogelijkheden die onderwijsinstellingen (mbo, hbo, wo) bieden voor de combinatie Onderwijs en Topsport.
  • De NKBV legt de vorderingen in het opleidingsproces van klimmers vast in een gestandaardiseerd volgsysteem (TVS). Deze data worden gebruikt om het ontwikkelproces van de klimmer in kaart te brengen alsook voor analyses op het gebied van talentherkenning en ontwikkeling.
  • De NKBV werkt met een team van specialisten met als aandachtsgebieden: voeding, (para)medisch, prestatiegedrag en fysiek.
  • De NKBV investeert in de scouting en ontwikkeling van talentvolle coaches.
  • De NKBV organiseert en of faciliteert workshops en stimuleert kennisdeling op het gebied van training en begeleiding van talentvolle klimmers voor trainer-coaches.
  • De NKBV heeft talentcoaches in dienst die werkzaam zijn op het NTC.
  • De NKBV creert online communicatie voor verbinding en inspiratie.
  • De NKBV publiceert informatie over schone sport vindbaar voor (talentvolle) wedstrijdklimmers op de eigen website.
  • NKBV is verantwoordelijk voor het aanbieden van e-learningmodules en het inplannen van educatiesessies in samenspraak met de Dopingautoriteit.

Rol onderwijs

  • De talentvolle klimmer (met een NOC*NSF-talentstatus) volgt in deze fase het middelbaar onderwijs, bij voorkeur aan een van de Topsport Talentscholen.
  • Klimmers, ouders/verzorgers worden geïnformeerd over de studiemogelijkheden die onderwijsinstellingen (mbo, hbo, wo) bieden voor de combinatie Onderwijs en Topsport door de NKBV en/of NOC*NSF. Deze instellingen hebben afspraken gemaakt over de organisatie van het onderwijs voor topsporters.

De komende periode vullen we deze pagina met steeds meer informatie over Techniek, Fysiek en Tactiek & Wedstrijden.