Programma: TOC, NKBV+ en Jong Oranje
In de vierde fase Leren presteren wordt de trainingsomvang en intensiteit verder uitgebreid. Hierbij wordt rekening gehouden met individuele verschillen zoals biologische leeftijd, groeisnelheid en belastbaarheid. De fysieke, cognitieve, sociale en emotionele ontwikkeling van talentvolle wedstrijdklimmers verloopt in deze fase sterk uiteen, waardoor een persoonlijke benadering essentieel blijft.
De focus in deze fase ligt op het verfijnen van geavanceerde klimtechnieken, het verder ontwikkelen van fysieke capaciteiten (zoals kracht, uithoudingsvermogen en mobiliteit) en de toenemende competitieve ontwikkeling. Talentvolle klimmers nemen deel aan meerdere wedstrijden op nationaal en wordt gestart met deelname aan internationale wedstrijden. Een belangrijk doel is om geleerde vaardigheden en tactieken effectief toe te passen in wedstrijdsituaties en om een eigen klimstijl en specialisaties te ontwikkelen.
Naast fysieke en technische groei worden ook mentale en prestatievaardigheden steeds belangrijker. Talentvolle klimmers maken in deze fase vaak een transitie op educatief en persoonlijk vlak, bijvoorbeeld van secundair naar hoger onderwijs. Dit vraagt om specifieke competenties zoals zelfregulatie, planning en stressmanagement. De klimmers in het begin van deze fase wonen thuis en trainen in hun eigen boulder en/of klimhal en idealiter bij een Talent Opleiding Centrum (TOC). Waar mogelijk worden ochtendtrainingen gecombineerd met onderwijs op een Topsport Talentschool. In de avonden trainen zij in de boulder/klimhal.
Daarnaast vindt er maandelijks een gezamenlijke training plaats in het NKBV+ programma en in overleg met de bondscoach Jong Oranje kunnen talentvolle klimmers deelnemen aan extra proeftrainingen op het Nationaal Trainingscentrum (NTC). Aan het eind van deze fase zijn de beste en meest kansrijke klimmers doorgestroomd naar Jong Oranje en begint de talentontwikkeling fase.
De leeftijdsrange voor deze fase ligt tussen de 13 en 18 jaar.
In de fase Leren presteren, zijn de volgende uitgangspunten van belang:
In onderstaande afbeelding is te zien dat de wedstrijdklimmers in de fase Leren presteren zich veelal in de tweede fase van ieder domein bevinden (Wylleman et al. 2011). In het onderwijsdomein vindt mogelijk een verandering van context plaats met de overgang van secundair onderwijs naar het hoger onderwijs.
Overzicht van de holistische ontwikkeling van de sporter gedurende de sportcarrière (Wylleman et al., 2011)
In onderstaande tabel staan de competenties en doelstellingen voor de leerlijn prestatiegedrag die van belang zijn in de fase Leren presteren, evenals de voorbereiding op de volgende fase Trainen voor de top en de transitie daarna.
|
Doelstellingen Prestatiegedrag Fase: Leren presteren |
|
|
Leerdoelen |
Competenties |
|
De klimmer richt de aandacht langere tijd op moeilijke taken of problemen, ondanks afleidingen, negatieve gedachten, vermoeidheid of verveling.
De klimmer kiest bewust wat nodig is om zich langdurig te kunnen focussen. |
Aandacht richten |
|
De klimmer komt voor zichzelf op, bewaakt zijn eigen grenzen.
De klimmer onderneemt (spannende) activiteiten op eigen initiatief en met enthousiasme.
De klimmer durft zich kwetsbaar op te stellen en kan gemaakte fouten proactief en transparant toegeven. |
Zelfvertrouwen |
|
De klimmer denkt na over zijn eigen prestaties en ontwikkeling en kan vragen beantwoorden als: Wat heb ik nodig om nog beter te kunnen presteren? |
Reflecterend vermogen |
|
De klimmer past het gedrag aan, ook wanneer iets niet direct lukt, moeilijk is of anders gaat dan vooraf gehoopt of verwacht. |
Aanpassingsvermogen |
|
De klimmer kan op eigen kracht steeds beter en langer werken aan wat wordt gedaan, totdat het lukt, ondanks vermoeidheid, verveling, persoonlijke teleurstelling of tegenslag.
De klimmer probeert eerst zelf door te zetten, maar vraagt hulp wanneer het hem zelf niet lukt. |
Doorzettingsvermogen |
|
De klimmer analyseert de oorzaak van een probleem, bijvoorbeeld door na te denken over hoe dit eerder persoonlijk is ervaren.
De klimmer komt proactief met oplossingen voor problemen die haalbaar en nuttig zijn. |
Probleemoplossend vermogen |
|
De klimmer stelt een duidelijke planning op.
De klimmer weegt af welke activiteiten wel of niet in zijn planning passen en bijdragen aan het bereiken van het einddoel.
De klimmer heeft een eigen aanpak om tot een plan te komen. |
Plannen |
|
De klimmer schat de gevolgen van de gekozen aanpak in, houdt hierop de focus en staat open voor nieuwe manieren om deze desgewenst te verbeteren. |
Procesgericht werken |
|
De klimmer houdt rekening met wie waarover wordt gecommuniceerd en zorgt ervoor dat dit inhoudelijk en qua gedrag passend en de-escalerend is in de betreffende situatie. |
Communiceren |
|
De klimmer is zich bewust van de eigen gevoelens en herkent wanneer anderen te veel vragen.
De klimmer communiceert naar anderen wanneer zij te veel vragen, zodat de eigen grenzen worden gerespecteerd. |
Grenzen stellen & bewaken |
|
De klimmer denkt zorgvuldig na en komt, met de nodige zelfreflectie, tot een beslissing waarbij onnodige twijfels worden voorkomen. |
Beslissingen nemen |
|
De klimmer formuleert een haalbaar einddoel en faseert dit structureel in subdoelen.
De klimmer maakt een plan om het einddoel te bereiken en houdt bij of de voortgang volgens schema verloopt. |
Doelgericht handelen |
In de fase Leren presteren maken klimmers de overgang van algemene sportdeelname naar een meer gestructureerde en prestatiegerichte trainingsomgeving. Bewustwording en het ontwikkelen van gezonde voedingsgewoonten staan centraal. Ter ondersteuning volgen klimmers een e-learningmodule sportvoeding, waarin stapsgewijs kennis en vaardigheden worden ontwikkeld om de voeding af te stemmen op gezondheid, groei en sportprestaties.
|
Doelstellingen Voeding Fase: Leren presteren |
|
Relevante e-learning levels: Level 1 t/m 4 |
|
Leerdoelen
|
|
Ontwikkelingsdoelen
|
|
Vormingsdoelen Klimmers leren hun voeding af te stemmen op school, training en wedstrijden, met aandacht voor voldoende energie voor groei, ontwikkeling en sportprestaties. |
|
Toepassing Klimmers passen de opgedane kennis toe door hun dagelijkse voedingskeuzes en eetmomenten af te stemmen op hun school-, trainings- en wedstrijdschema. |
In de fase Leren presteren verdiepen klimmers hun kennis over slaap en het belang ervan voor herstel en sportprestaties. Door inzicht te krijgen in de werking van slaap en de factoren die hierop van invloed zijn, leren klimmers verantwoordelijkheid te nemen voor hun eigen slaapgedrag. De combinatie van e-learning, praktische opdrachten en reflectie helpt klimmers om deze kennis toe te passen in hun dagelijkse trainings- en wedstrijdpraktijk en zo hun herstel en prestaties te optimaliseren.
|
Doelstellingen Slaap Fase: Leren presteren |
|
E-learning slaap hoofdstuk 2: Wat is slaap? E-learning slaap hoofdstuk 3: Invloeden op slaap |
|
Leerdoelen e-learning De klimmer ontwikkelt inzicht in de werking van slaap en herkent de factoren die slaap beïnvloeden, zodat verantwoordelijkheid kan worden genomen voor het eigen slaapgedrag. |
|
Trainingsvormen Volgen van de e-learningmodules, workshops over het circadiaanse ritme en slaapfasen, het bijhouden van een slaapdagboek en groepsdiscussies over beïnvloedbare en niet-beïnvloedbare factoren. |
|
Tijdspad Jaarlijks aanbieden van de e-learning en minimaal één verdiepende sessie per seizoen. |
|
In de fase Leren Presteren verdiepen klimmers hun kennis over slaap en leren zij deze kennis toe te passen in hun dagelijkse praktijk. De nadruk ligt op:
Klimmers worden gestimuleerd om eigen regie te nemen en hun slaapgedrag actief te optimaliseren. |
In deze leeftijdsfase neemt de klimmer steeds meer verantwoordelijkheid en regie, zowel in het eigen gedrag als in het uitdragen van een eerlijke, veilige en schone sport. De klimmer is zich in de fase Leren presteren bewust van deze verantwoordelijkheid en is steeds beter in staat de opgedane kennis in de praktijk te brengen. Ouders/verzorgers en trainers dragen bij aan de ontwikkeling van een zelfstandige klimmer.
|
Doelstellingen Eerlijke, veilige en schone sport Fase: Leren presteren |
||
|
Leerdoel Veilige sport |
Trainingsvormen |
Tijdspad |
|
De klimmer kent de verschillende vormen van grensoverschrijdend gedrag, weet hoe en waar dit bespreekbaar te maken en is zich ervan bewust dat grensoverschrijdend gedrag mogelijk consequenties kan hebben. |
De klimmer volgt een fysieke of online training op dit thema en de sociaal veilige sportomgeving is regelmatig onderdeel van team- en individuele evaluaties.
|
Gedurende het seizoen |
|
De klimmer kent en is in staat te handelen naar de gedragsregels die in de groep gelden. |
Binnen de trainingsgroep worden gedrags- en omgangsregels afgesproken en wordt besproken hoe we elkaar daarop kunnen aanspreken. Gebruik de NKBV gedragsregels daarvoor als basis. |
Aan het beging van het seizoen:
|
|
De klimmer kent de rol van de VCP, weet deze te bereiken en is bekend met de mogelijkheden om dit bespreekbaar te maken en te melden. |
De klimmer heeft in een bijeenkomst kennis gemaakt met de VCP en is door de VCP geïnformeerd over de rol van de VCP en de mogelijkheden voor bespreken en melden ongewenst/grensoverschrijdend gedrag. |
Jaarlijks overleg bij aanvang en halverwege seizoen met VCP.
|
|
Leerdoel Schone sport |
||
|
De klimmer kent:
|
Dopingeducatieniveau brons conform DLSS:
(fysieke sessie uitsluitend voor talent en topsportprogramma's) |
Gedurende het seizoen, minimaal 1 keer per 2 jaar. |
|
Leerdoel Eerlijke sport |
||
|
De klimmer heeft kennis van:
|
E-learning matchfixing. |
Gedurende het seizoen, minimaal 1 keer per 2 jaar. |
In de fase Leren presteren vervullen boulder, en klimhallen een belangrijke rol als dagelijkse trainingsomgeving waarin talentvolle wedstrijdklimmers de stap maken van leren trainen naar leren presteren. In deze fase verschuift de nadruk van algemene ontwikkeling naar gerichte prestatieontwikkeling, met meer aandacht voor kwaliteit, structuur, intensiteit en wedstrijdspecifieke voorbereiding.
De hal biedt klimmers een professionele en stimulerende omgeving waarin systematisch gewerkt kan worden aan kracht, techniek, tactiek en prestatiegedrag. Dit vraagt om routes en boulders die niet alleen uitdagender worden in niveau, maar vooral aansluiten bij het ontwikkelen van nieuwe bewegingen, moderne wedstrijdstijlen en internationale trends. Variatie, complexiteit en progressieve opbouw zijn daarbij essentieel.
Naast reguliere routes en boulders kunnen hallen in deze fase extra waarde creëren door het aanbieden van specifieke trainingsfaciliteiten, zoals skill stations, trainingszones en oefensituaties waarin bewegingen, grepen en coördinatieve vaardigheden doelgericht kunnen worden getraind. Hiermee ontstaat een leeromgeving die verder gaat dan recreatief aanbod en beter aansluit op de behoeften van talentvolle wedstrijdklimmers.
Elke fase binnen het meerjarenopleidingsplan vraagt om specifieke competenties van trainers en coaches. In de fase Leren Presteren vervullen zij een cruciale rol in de ontwikkeling van talentvolle wedstrijdklimmers.
In deze fase specialiseren talentvolle klimmers zich steeds meer richting het (internationaal) wedstrijdklimmen. De trainingen worden intensiever en specifieker, met een toename in trainingsuren en wedstrijddeelname. Dit brengt de uitdaging met zich mee om een optimale balans te vinden tussen sport, school, familie en sociale contacten. Daarom moeten klimmers regelmatig bewuste keuzes maken die hen ondersteunen in hun doelstellingen.
Ook in de fase Leren Presteren spelen ouders/verzorgers een belangrijke adviserende en faciliterende rol:
De NKBV heeft een rol in de ontwikkeling van talentvolle klimmers richting de top. In de fase Leren Presteren is de rol als volgt: